Wonen en zorg: beleid en ontwikkelingen

De overheid gaat wonen en zorg scheiden, zoveel is duidelijk. Maar hoe zit het nu precies? In dit artikel gaat we in op de belangrijkste beleidsmatige en maatschappelijke ontwikkelingen van de laatste tijd.

Beleid van de overheid
Vanaf 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor de zorg aan langdurig zieken, de jeugdzorg en werk en inkomen. De rijksoverheid is ervan overtuigd dat deze decentralisatie verantwoord is omdat gemeenten het dichtst bij de bewoners zitten en de zorg effectiever en goedkoper kunnen leveren. Naast decentralisatie wordt er dus ook gewerkt aan het scheiden van wonen en zorg. Met andere woorden: mensen moeten, ook als zij hulp nodig hebben, langer thuis blijven wonen.

Die scheiding van wonen en zorg komt terug in een aantal akkoorden die de overheid de afgelopen heeft gesloten:

  • Begrotingsakkoord: Mensen met een zorgzwaartepakket van 1 tot en met 3 moeten in de eigen omgeving verzorgd worden. Het akkoord houdt rekening met een wentijd van enkele jaren, waarna deze regel volledig wordt uitgevoerd.
  • Regeerakkoord 2012: Een maand na het begrotingsakkoord werd in het Regeerakkoord vastgelegd dat mensen met een zorgzwaartepakket 4 ˇˇk in de eigen omgeving verzorgd moeten worden.
  • Zorgakkoord 2013: In dit akkoord is afgesproken dat in de komende jaren het aantal wooneenheden in de ouderenzorg met 55.000 gereduceerd moet worden. Ook komen er 25.000 plaatsen minder voor verstandelijk gehandicapten. In dit akkoord is afgesproken dat in de ouderenzorg 50% van de mensen met een ZZP 4 wordt geŰxtramuraliseerd.
  • Woonakkoord 2013: Het Woonakkoord gaat verder in op de (ver-)huur van zorgwoningen. Zo is het de bedoeling dat ouderen met een onzelfstandige wooneenheid gÚÚn verhuurdersheffing hoeven te betalen, maar ouderen met een zelfstandige eenheid wel.

Maatschappelijke ontwikkelingen
Het aantal ouderen stijgt de komende decennia met bijna twee miljoen. Van 2,7 miljoen in 2012 naar 4,5 miljoen in 2040. Aangezien een groot gedeelte van deze ouderen langer thuis moet blijven wonen, betekent dit nogal wat voor de woningvoorraad. Maar 27% van de woningvoorraad is momenteel maar geschikt voor ouderen en mensen met een beperking. Het is de verwachting dat voor de periode tot 2021 circa 44.000 woningen per jaar geschikt gemaakt moeten worden voor deze doelgroep. Het gaat dan om het bouwen van seniorenwoningen of het aanpassen van bestaande woningen voor oudere bewoners.

Begin 2014 kwamen de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) en de Wetenschappelijke Raad met een advies aan minister Blok. Titel van het advies: ‘Langer zelfstandig, een gedeelde opgave van wonen, zorg en welzijn’. Volgens beide raden zijn er nog enkele hordes te nemen voordat ouderen met een gerust hart langer zelfstandig kunnen wonen. Bijvoorbeeld:

  • Er is een toenemend verschil tussen vraag en aanbod van intramurale zorg voor ouderen en gehandicapten.
  • Het aantal geschikte woningen voor ouderen en gehandicapten verschilt enorm per regio.
  • Volgens berekeningen moet er zo’n vier miljoen vierkante meter zorgvastgoed gerenoveerd en herbestemd worden.

Zelf betalen
Uiteraard blijven verpleeghuizen in de toekomst wel bestaan. Alleen kunnen ouderen hier pas in een later stadium gebruik van maken. Bovendien is de verwachting dat verzorgingshuizen in de komende jaren op een andere manier gefinancierd gaan worden. Op de lange termijn zullen de bewoners van verpleeghuizen en instellingen huur moeten gaan betalen voor hun woonverblijf.

VAC-advies aanvragen

Gemeenten, corporaties, projectontwikkelaars, maar ook particulieren kunnen hun bouwplannen en omgevingsplannen door een adviescommissie laten toetsen op gebruikskwaliteit.

Lees meer >